Het lid Hoogeveen (JA21) stelde Kamervragen over de verhouding tussen de vermogensaanwasbelasting in het toekomstige box 3-stelsel en het begrip 'individuele en buitensporige last' uit artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. In het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 wordt 36% belasting voorgesteld over het werkelijke rendement, waardoor de belasting lager is dan dat rendement en vrijwel geen sprake is van een individuele en buitensporige last (vgl. HR 2 juli 2021). De volatiliteit van jaar-op-jaar rendementen kan wel tot een andere belastingdruk leiden; een overdraagbaar heffingsvrij resultaat wordt om meerdere redenen ontraden en de motie 32140-292 wordt daarmee afgedaan.
De Kamervragen van 20 maart 2026 (ingediend door het lid Hoogeveen, JA21) zien op twee punten: of de nieuwe box 3-heffing leidt tot een individuele en buitensporige last binnen de betekenis van artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM, en of de volatiliteit van inkomen in de tijd leidt tot ong...
Krijg direct toegang tot alle AI-samenvattingen en features. Nu 50% korting op de eerste maand. Blijf op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen met AI alerts en chat onbeperkt.
Deze samenvattingen zijn automatisch gegenereerd door AI. Controleer altijd de originele tekst voor de meest accurate informatie. Fouten gevonden? Neem contact op.
Even geduld alstublieft
Beslisnota Kamervragen verhouding vermogensaanwasbelasting box 3 en EVRM
99dbd53b-1c26-4db9-81c0-7539deecd2f8
open_overheid
Als BeleidsRadar gebruiker krijg je toegang tot vergelijkbare documenten die relevant zijn voor dit beleidsstuk. Nu 50% korting op de eerste maand.